ECLI:NL:RVS:2013:CA2840

Raad van State

Datum uitspraak
6 juni 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
201302044/2/R4
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitbreiding parkeervoorzieningen supermarkt in Stiens

Bij besluit van 13 december 2012 heeft de raad van de gemeente Leeuwarderadeel het bestemmingsplan vastgesteld voor de uitbreiding van parkeervoorzieningen bij de supermarkt aan de Wythústerwei te Stiens. Verzoekers, wonend in Stiens, hebben tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

De voorzitter behandelde het verzoek op 13 mei 2013. Verzoekers maken bezwaar tegen het plan omdat dit voorziet in het realiseren van parkeerplaatsen op gronden die momenteel als park worden gebruikt, met name het Waling Dijkstrapark. Zij vrezen onherstelbare schade door het kappen van bomen en bouwrijp maken van het park.

De raad gaf aan dat de gronden nog niet in eigendom zijn van de partij die het project zal uitvoeren en dat er nog geen concrete afspraken zijn over de uitvoering. Ook is een omgevingsvergunning voor het kappen van bomen nog niet aangevraagd. De partij heeft toegezegd de bodemprocedure af te wachten voordat zij met werkzaamheden begint.

Gezien deze omstandigheden is er geen spoedeisend belang bij het verzoek om voorlopige voorziening. Daarom is het verzoek afgewezen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan is afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.

Uitspraak

201302044/2/R4.
Datum uitspraak: 6 juni 2013
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker] en anderen, wonend te Stiens, gemeente Leeuwarderadeel,
en
de raad van de gemeente Leeuwarderadeel,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 13 december 2012 heeft de raad het bestemmingsplan "Uitbreiding parkeervoorzieningen supermarkt aan de Wythústerwei te Stiens" vastgesteld.
Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld. Bij deze brief hebben [verzoeker] en anderen de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 13 mei 2013, waar [verzoeker] en anderen, vertegenwoordigd door [verzoeker], en de raad, vertegenwoordigd door A. Flameling en A. Posthuma zijn verschenen. Voorts zijn daar verschenen [partij] en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigden] en bijgestaan door mr. S.A.B. Boer, advocaat te Amsterdam.
Overwegingen
1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2. Het plan voorziet in een uitbreiding van de parkeervoorzieningen bij de supermarkt aan de Wythústerwei 12-14 te Stiens. De uitbreiding is gedeeltelijk voorzien op gronden die op dit moment in gebruik zijn en bestemd zijn als park.
3. Verzoekers kunnen zich niet verenigen met het plan omdat dat voorziet in de realisatie van parkeerplaatsen ter hoogte van het Waling Dijkstrapark. Zij vrezen onherstelbare schade aan het park aangezien het bouwrijp maken en het kappen van bomen zal leiden tot een onomkeerbare situatie.
4. Ter zitting heeft de raad toegelicht dat de in het plan opgenomen gronden nog niet in eigendom zijn van [partij] Omdat er nog geen concrete afspraken zijn gemaakt met [partij] over het op korte termijn starten van de uitvoering van het project, is een eigendomsoverdracht volgens de raad niet in zicht. De raad stelt voorts dat een omgevingsvergunning nodig zal zijn voor het kappen van de bomen, welke nog niet is aangevraagd. Door [partij] is ter zitting toegezegd dat de bodemprocedure zal worden afgewacht voordat een omgevingsvergunning voor kappen zal worden aangevraagd en voordat zal worden begonnen met de voorbereidende werkzaamheden voor het realiseren van de parkeerplaatsen. Met het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening is in zoverre geen spoedeisend belang gemoeid.
5. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. M.G.J. Parkins-de Vin, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. T.A. Oudenaarden, ambtenaar van staat.
w.g. Parkins-de Vin w.g. Oudenaarden
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 6 juni 2013
568-731.