ECLI:NL:RVS:2013:CA2849
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens schending hoorplicht in vreemdelingenbewaring
Bij besluit van 13 februari 2013 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep gegrond en oordeelde dat de bewaring onrechtmatig was vanaf 28 maart 2013, waarna zij de bewaring op die datum ophefte en schadevergoeding toekende.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht tevens om schadevergoeding. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte geen zitting heeft gehouden en de vreemdeling niet heeft uitgenodigd om gehoord te worden, terwijl dit noodzakelijk was om te beoordelen of de bewaring vanaf 13 februari tot 27 maart 2013 rechtmatig was.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug voor nieuwe behandeling met inachtneming van de hoorplicht. Tevens stelde zij de proceskosten in hoger beroep vast en bepaalde dat de rechtbank beslist over de vergoeding daarvan.
Uitkomst: Uitspraak rechtbank vernietigd wegens schending hoorplicht; zaak terugverwezen voor nieuwe behandeling.