ECLI:NL:RVS:2013:CA2866
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen partiële herziening bestemmingsplan Strand en Duin inzake bouwhoogte begane grondvloer
Bij besluit van 11 september 2012 heeft de raad van de gemeente Zandvoort de partiële herziening van het bestemmingsplan "Strand en Duin" vastgesteld, met als doel bepalingen toe te voegen over de bouwhoogte van de begane grondvloer van strandbebouwing. Appellant, wonend aan de boulevard met zicht op het plangebied, stelde beroep in tegen dit besluit.
Appellant voerde aan dat het plan rechtsonzeker is omdat het peil moeilijk vast te stellen zou zijn door de werking van de zee en dat de motivering van de raad onvoldoende en onjuist zou zijn. De raad stelde dat het hoogheemraadschap van Rijnland het bouwbeleid heeft aangepast en dat het plan daarom aangevuld moest worden met een bepaling over de maximale bouwhoogte.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de partiële herziening uitgaat van het objectieve Normaal Amsterdams Peil (NAP), waardoor de hoogte van de begane grondvloer objectief bepaalbaar is en het plan niet rechtsonzeker is. De motivering van de raad werd als voldoende en juist beoordeeld. Daarnaast werd het verzoek tot uitbreiding van het geschil na de beroepstermijn niet ontvankelijk verklaard.
Het beroep is uiteindelijk ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de partiële herziening van het bestemmingsplan Strand en Duin wordt ongegrond verklaard.