ECLI:NL:RVS:2013:CA3593
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende medische en geloofwaardigheidsbeoordeling
De minister voor Immigratie en Asiel wees een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel af en weigerde ambtshalve uitzetting achterwege te laten. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De minister stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de medische adviezen van MediFirst niet inzichtelijk waren en dat de vergewisplicht niet was nageleefd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister wel degelijk aan zijn vergewisplicht had voldaan, omdat de medische onderzoeken volgens het geldende protocol waren uitgevoerd en de adviezen inzichtelijk waren. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en toetste het besluit opnieuw aan de beroepsgronden.
De Afdeling verwierp de bezwaren van de vreemdeling over zijn psychische gesteldheid, de geloofwaardigheid van zijn asielrelaas, het ontbreken van reisdocumenten en de toepassing van artikel 64 Vreemdelingenwet Pro 2000. Ook oordeelde zij dat geen sprake was van een schending van artikel 3 EVRM Pro vanwege de medische situatie van de vreemdeling.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. De minister mocht het besluit handhaven.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.