ECLI:NL:RVS:2013:CA3635
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- E. Helder
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen revisievergunning pluimveehouderij met houtverbrandingsoven
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 30 september 2011 een revisievergunning voor een pluimveehouderij te Son, inclusief het gebruik van een houtverbrandingsoven. Appellante stelde beroep in tegen dit besluit en voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder onjuiste bevoegdheid, het ontbreken van een milieueffectrapportage (m.e.r.-beoordeling), onvoldoende toetsing van mestopslag, risico's voor volksgezondheid, strijd met bestemmingsplan en geluidsoverlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college terecht bevoegd was om op de aanvraag te beslissen, omdat het hout als afvalstof werd aangemerkt conform de geldende wet- en regelgeving. De m.e.r.-beoordeling was niet noodzakelijk omdat de drempelwaarden niet werden overschreden en de emissies niet toenamen. De mestopslag voldeed aan de beste beschikbare technieken en de risico's voor volksgezondheid en besmettingsgevaar waren adequaat beperkt door vergunningvoorschriften.
Verder werd geoordeeld dat het college terecht geen strijd met het bestemmingsplan aannam en dat de geluidbelasting juist was vastgesteld volgens de geldende richtlijnen. Nieuwe beroepsgronden over ruimtelijke ordening, geluid en volksgezondheid werden niet buiten beschouwing gelaten vanwege de goede procesorde. Het beroep werd uiteindelijk ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisievergunning voor de pluimveehouderij wordt ongegrond verklaard.