ECLI:NL:RVS:2014:1094
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing wijziging beperking verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd
De vreemdeling verzocht om wijziging van de beperking van haar verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, maar dit verzoek werd op 12 juli 2012 door de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel afgewezen. Vervolgens verklaarde de staatssecretaris het bezwaar ongegrond en wees de rechtbank Den Haag het beroep van de vreemdeling af. De vreemdeling stelde daarop hoger beroep in bij de Raad van State.
In het hoger beroep stelde de vreemdeling dat de rechtbank ten onrechte niet was ingegaan op haar beroep op artikel 20 van Pro het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) en het arrest Ruiz Zambrano van het Hof van Justitie. Zij voerde aan dat haar partner, van Nederlandse nationaliteit en lijdend aan een spierziekte, niet voor hun minderjarig kind kan zorgen, waardoor het kind feitelijk met haar het grondgebied van de EU zou moeten verlaten.
De Raad van State oordeelde dat de vreemdeling niet aannemelijk had gemaakt dat haar partner daadwerkelijk niet in staat is om, al dan niet met hulp, voor het kind te zorgen. Hierdoor is verblijf van het kind bij de partner niet onmogelijk en is het beroep op artikel 20 VWEU Pro niet gegrond. Verder werden geen andere gronden gevonden die vernietiging van de uitspraak rechtvaardigen.
Het hoger beroep werd dan ook kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, zij het met verbetering van de motivering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt afgewezen en de afwijzing van de wijziging van de beperking van de verblijfsvergunning wordt bevestigd.