ECLI:NL:RVS:2014:1187
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel en toegangsweigering vreemdeling
De vreemdeling kreeg op 30 oktober 2013 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd na weigering van toegang tot Nederland, waarop hij zowel administratief beroep tegen de toegangsweigering als beroep tegen de maatregel instelde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte geen aanleiding zag om het administratief beroep tegen de toegangsweigering op te vragen en gelijktijdig met het beroep tegen de artikel 6-maatregel te behandelen, terwijl dit op grond van jurisprudentie en het Handvest van de grondrechten van de EU vereist is.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak terug voor een nieuwe behandeling met inachtneming van de juiste procedure.
Daarnaast stelt de Afdeling de proceskosten in hoger beroep vast en bepaalt dat de rechtbank beslist over de vergoeding daarvan.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor nieuwe behandeling.