ECLI:NL:RVS:2014:1288
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- J.C. Kranenburg
- R. Uylenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging wijzigingsplan Janverswollezone Zuid wegens onvoldoende motivering Flora- en Faunawet
Het college van burgemeester en wethouders van Gouda stelde op 4 september 2012 het wijzigingsplan Janverswollezone Zuid vast. Hiertegen stelde [appellante] beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling gaf het college meerdere malen de opdracht om het besluit te voorzien van een deugdelijke motivering met betrekking tot de uitvoerbaarheid van het plan in het licht van de Flora- en Faunawet.
Het college overhandigde een natuuronderzoek waarin werd geconcludeerd dat in het plangebied geen jaarrond beschermde nesten van huismus of gierzwaluw voorkomen, noch vaste rust- of verblijfplaatsen van vleermuizen. [appellante] voerde aan dat het onderzoek niet voldeed aan de gestelde eisen en dat mitigerende maatregelen en ontheffingen onvoldoende waren onderzocht of gemotiveerd.
De Afdeling oordeelde dat het onderzoek voldoende was uitgevoerd en dat er geen aanwijzingen waren die het standpunt van het college konden weerleggen. Gezien het ontbreken van beschermde nesten en verblijfplaatsen was het niet noodzakelijk dat het college mitigerende maatregelen opnam of aannemelijk maakte dat ontheffing kon worden verkregen.
Desondanks werd het bestreden besluit vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat het besluit onvoldoende was gemotiveerd. De rechtsgevolgen van het besluit bleven echter in stand. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht aan [appellante] en haar firmanten.
Uitkomst: Het besluit tot vaststelling van het wijzigingsplan Janverswollezone Zuid wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.