ECLI:NL:RVS:2014:132
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- M.W.L. Simons-Vinckx
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder dwangsom voor illegale afvaloverbrenging naar Maleisië
Appellante wilde in mei 2012 zeven containers met afvalstoffen vanuit Nederland naar Maleisië overbrengen. Na inspectie in België werd vastgesteld dat het afval een mengsel van verschillende afvalstoffen bevatte, waaronder gevaarlijke stoffen, en dat de overbrenging illegaal was volgens de EVOA. De Belgische autoriteiten verzochten Nederland om het afval terug te halen.
De staatssecretaris legde appellante bij besluit van 13 november 2012 een last onder dwangsom op om de containers terug te halen, omdat geen kennisgeving of toestemming was verleend voor de overbrenging. Appellante voerde aan dat het afval onder de groene lijst viel en dat de inspectie onvoldoende was om van een mengsel te spreken. De staatssecretaris stelde dat het afval niet onder code B3010 viel omdat het vermengd was met andere afvalstoffen.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris terecht had vastgesteld dat het afval een mengsel was en dat de last onder dwangsom rechtmatig was opgelegd. Het betoog dat de staatssecretaris het standpunt van de Belgische autoriteiten niet klakkeloos mocht volgen, faalde omdat ook eigen inspecties dit bevestigden. Verder was de last tot terughalen van het afval naar Nederland passend en in overeenstemming met de EVOA. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het dwangsombesluit is ongegrond verklaard en de last tot terughalen van het afval blijft gehandhaafd.