ECLI:NL:RVS:2014:1385
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ontgrondingsvergunning Reliëfherstel Palmven
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 28 oktober 2013 een ontgrondingsvergunning aan Staatsbosbeheer Buitenzaken voor het project Reliëfherstel Palmven. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 18 maart 2014 werden partijen gehoord.
Verzoeker stelde dat hij niet persoonlijk op de hoogte was gesteld van de terinzagelegging van het ontwerpbesluit, en dat de kennisgeving niet in dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen was gepubliceerd, maar uitsluitend op de provinciale website. De voorzitter overwoog dat volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en een provinciale verordening elektronische verzending Noord-Brabant kennisgeving via de website voldoende was en dat geen persoonlijke kennisgeving verplicht was.
Verder constateerde de voorzitter dat verzoeker geen zienswijze tegen het ontwerpbesluit had ingediend, hetgeen niet verschoonbaar was, waardoor het beroep naar verwachting niet-ontvankelijk zal zijn in de bodemprocedure. Ook werd het spoedeisend belang als gering beoordeeld omdat het vergunde project grotendeels was gerealiseerd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Ten slotte werd opgemerkt dat eventuele handhaving van de vergunning niet in deze procedure aan de orde kan komen en dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ontgrondingsvergunning wordt afgewezen wegens ontbreken van een verschoonbare zienswijze en gering spoedeisend belang.