ECLI:NL:RVS:2014:1550
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing beroep tegen boetes Wet arbeid vreemdelingen en weigering proceskostenvergoeding
Bij besluiten van 8 maart 2012 legde de minister aan appellant boetes op van €8.000 en €16.000 wegens overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. De minister herroept deze besluiten deels na bezwaar, maar wijst vergoeding van proceskosten af. De rechtbank verklaart het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelt dat zij zich door een beroepsmatige rechtsbijstandverlener liet bijstaan en daarom recht heeft op proceskostenvergoeding. Zij voert aan dat haar juridisch adviseur alle stukken opstelde, correspondentie voerde en bij de hoorzitting aanwezig was. De Afdeling oordeelt echter dat uit de processtukken niet blijkt dat de minister ondubbelzinnig is geïnformeerd over het optreden van een beroepsmatige rechtsbijstandverlener. De stukken zijn op eigen naam ingediend, wat vergoeding uitsluit.
De Afdeling bevestigt dat de minister terecht aannam dat de juridisch adviseur als bedrijfsjurist optrad en niet als externe rechtsbijstandverlener. Ook het verzoek om vergoeding van onnodig gemaakte kosten wordt afgewezen, omdat deze kosten reeds in het Besluit proceskosten bestuursrecht zijn verdisconteerd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.