ECLI:NL:RVS:2014:1670
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning varkenshouderij ondanks bezwaren geur, geluid en ammoniak
Het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg verleende op 9 oktober 2012 een omgevingsvergunning voor het veranderen van een varkenshouderij. [Appellant] stelde beroep in tegen deze vergunning, onder meer vanwege bezwaren tegen de locatie van de mestsilo, het ontbreken van geuronderzoek, geluidsoverlast door het laden met shovels en ammoniakschade aan zijn coniferenkwekerij.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna [appellant] hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak en oordeelde dat het college terecht verschillende toetsingskaders hanteerde voor mestsilo's en dat het gelijkheidsbeginsel niet was geschonden. Daarnaast is geen wettelijk voorschrift voor geuronderzoek naar mestsilo's, en waren er voldoende voorschriften ter beperking van geurhinder.
Ten aanzien van het geluid stelde de Afdeling vast dat het laden van biggen met shovels niet is vergund en dat het akoestisch rapport een worstcasescenario beschrijft, waarbij de geluidbelasting niet onaanvaardbaar is. Het meetverslag van Sirius was niet relevant omdat het een niet-vergunde situatie betrof. Wat ammoniak betreft, achtte de Afdeling het beschermingsniveau tegen directe ammoniakschade aanvaardbaar, mede omdat de afstand tussen stal en coniferenkwekerij slechts 48 meter bedraagt en het college maatregelen heeft genomen om ammoniakuitstoot uit de mestsilo te beperken.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning bevestigd.