ECLI:NL:RVS:2014:1673
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vertrektermijn vreemdeling wegens onvoldoende motivering
De staatssecretaris wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vreemdeling niet gehoord hoefde te worden, omdat hij geen nieuwe informatie had verstrekt. De Afdeling stelde vast dat het BMA-advies zorgvuldig was opgesteld en dat de medische situatie van de vreemdeling geen reden gaf het besluit te herzien.
Wel werd geoordeeld dat de staatssecretaris het besluit om de vreemdeling een vertrektermijn te onthouden onvoldoende had gemotiveerd, in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. Daarom werd dat deel van het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven in stand. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit om de vreemdeling een vertrektermijn te onthouden wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, rechtsgevolgen blijven in stand.