ECLI:NL:RVS:2014:1682
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- G.M.H. Hoogvliet
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke handhaving tegen illegale aanbouw recreatiewoning in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Tynaarlo heeft onder dwangsom gelast de platte aanbouw en overige zonder vergunning geplaatste bouwwerken op een perceel te verwijderen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant deels gegrond en oordeelde dat het college niet bevoegd was handhavend op te treden tegen de achteraanbouw. Zowel het college als appellant stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de zijaanbouw niet als een gebouw ten behoeve van sanitaire voorzieningen kan worden aangemerkt en bevestigt dat het college bevoegd was handhavend op te treden tegen deze aanbouw. Ten aanzien van de achteraanbouw stelt de Afdeling vast dat deze niet vergunningvrij is en dat het college bevoegd is op te treden, waarbij de rechtbank dit ten onrechte heeft ontkend.
Hoewel de achteraanbouw ten tijde van het ontwerpbestemmingsplan aanwezig was en binnen de toegestane oppervlakte valt, bestaat geen concreet zicht op legalisering omdat de totale oppervlakte van de recreatiewoning inclusief aanbouwen de toegestane 100 m² overschrijdt. Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard, het hoger beroep van het college gegrond, en de uitspraak van de rechtbank wordt gedeeltelijk vernietigd.
Uitkomst: Het college is bevoegd handhavend op te treden tegen de illegale achteraanbouw; het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.