ECLI:NL:RVS:2014:1711
Raad van State
- Hoger beroep
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging herziening kinderopvangtoeslag 2007-2008 en bevestiging nihilstelling voorschotten 2009-2010
De Belastingdienst had bij besluiten van 15 november 2011 de definitieve kinderopvangtoeslag over 2007 en 2008 herzien en vastgesteld op nihil, en de voorschotten over 2009 en 2010 eveneens op nihil gesteld. [Appellante] maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad van State oordeelt anders.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de herziening van de kinderopvangtoeslag over 2007 en 2008, omdat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 21 van Pro de Awir. Hierdoor herleven de oorspronkelijke besluiten van juni 2010. Wat betreft 2009 en 2010 bevestigt de Raad van State dat de Belastingdienst de voorschotten terecht op nihil heeft gesteld, omdat [appellante] niet heeft kunnen aantonen dat zij de kosten daadwerkelijk heeft gedragen. De door haar overgelegde kwitanties en overzichten zijn onvoldoende bewijs.
Verder oordeelt de Afdeling dat de Belastingdienst niet in strijd heeft gehandeld met beginselen van behoorlijk bestuur, proportionaliteit, het verbod van détournement de pouvoir of het fair-playbeginsel. Ook kon [appellante] geen gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen aan de voorschotten. De Belastingdienst wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Herziening kinderopvangtoeslag 2007-2008 vernietigd, nihilstelling voorschotten 2009-2010 bevestigd.