ECLI:NL:RVS:2014:1746
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Centrum Epe wegens strijd wijzigingsbevoegdheid met goede ruimtelijke ordening
De raad van de gemeente Epe stelde op 20 juni 2013 het bestemmingsplan 'Centrum Epe' vast, waarin onder meer een wijzigingsbevoegdheid was opgenomen voor een perceel aan een locatie in eigendom van appellante A en in gebruik bij appellante B. Deze wijzigingsbevoegdheid maakte het mogelijk om de bestemming van het perceel te wijzigen in 'Wonen', 'Tuin' en 'Verkeer' indien de bedrijfsactiviteiten volledig zouden worden beëindigd.
Appellanten stelden dat deze wijzigingsbevoegdheid ten onrechte was opgenomen omdat het onwaarschijnlijk was dat binnen de planperiode van tien jaar gebruik zou worden gemaakt van deze bevoegdheid. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste terughoudend maar oordeelde dat het plan niet in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening indien bestemmingswijzigingen pas na afloop van de planperiode worden gerealiseerd.
De Afdeling constateerde dat het onzeker is of en wanneer de wijzigingsbevoegdheid zal worden toegepast, mede omdat de raad geen voornemen heeft om een wijzigingsprocedure te starten en de economische uitvoerbaarheid afhankelijk is van medewerking van de grondeigenaren. Gelet hierop vernietigde de Afdeling het besluit voor zover het de wijzigingsbevoegdheid betreft.
Daarnaast werd de raad opgedragen het vernietigde onderdeel binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan en werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Centrum Epe wordt vernietigd voor zover het de wijzigingsbevoegdheid betreft omdat deze niet binnen de planperiode zal worden gerealiseerd.