ECLI:NL:RVS:2014:1844
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken belanghebbende bij intrekking omgevingsvergunning vleesvarkenshouderij
Het college van burgemeester en wethouders van Mill en Sint Hubert trok op 5 maart 2013 de omgevingsvergunningen in die aan wederpartij B waren verleend voor het bouwen en milieu van een vleesvarkenshouderij op een perceel te Langenboom. Wederpartij A en B stelden beroep in tegen dit besluit. De rechtbank verklaarde het beroep van wederpartij B niet-ontvankelijk, maar oordeelde dat het beroep van wederpartij A gegrond was en vernietigde het besluit.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat wederpartij A ten tijde van het besluit geen eigenaar was van het perceel en geen voldoende rechtstreeks belang had bij het besluit omdat er geen geldige koopovereenkomst bestond binnen de beroepstermijn. Een mondelinge overeenkomst na afloop van de beroepstermijn was onvoldoende om als belanghebbende te worden aangemerkt.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep van het college gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover aangevallen en verklaarde het beroep van wederpartij A niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van wederpartij A tegen de intrekking van de omgevingsvergunning wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een rechtstreeks belang.