ECLI:NL:RVS:2014:1861
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen vernietiging omgevingsvergunning wegens revisievergunning
Het college verleende op 18 december 2012 een omgevingsvergunning voor het veranderen van een inrichting te Sterksel. De Vereniging Leefmilieu en anderen stelden beroep in tegen dit besluit, waarna de rechtbank Oost-Brabant op 8 april 2014 het besluit vernietigde omdat volgens haar een revisievergunning had moeten worden aangevraagd en het oordeel over het niet hoeven opstellen van een milieueffectrapport onvoldoende was gemotiveerd.
Verzoekster stelde hoger beroep in en verzocht de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak om een voorlopige voorziening. De voorzitter behandelde het verzoek op 9 mei 2014 en overwoog dat het college beleidsvrijheid heeft bij de keuze tussen een revisie- of veranderingsvergunning. De voorzitter vond dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat een revisievergunning verplicht was, mede omdat de omstandigheden die de rechtbank aanvoerde niet doorslaggevend zijn.
Ook was er twijfel of het oordeel van de rechtbank over het milieueffectrapport in hoger beroep stand zal houden, omdat het college het provinciaal geurbeleid en de onderliggende vergunning had betrokken bij zijn beoordeling.
Gelet op de bedrijfseconomische belangen van verzoekster en de voorlopige aard van de beoordeling, besloot de voorzitter de uitspraak van de rechtbank te schorsen en het betaalde griffierecht aan verzoekster terug te betalen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst en het betaalde griffierecht aan verzoekster terugbetaald.