ECLI:NL:RVS:2014:1908
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- A. Hammerstein
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen heg die geen gevaar voor wegverkeer vormt
Het college van burgemeester en wethouders van Westerveld wees een verzoek van appellanten om handhavend op te treden tegen een heg op hun perceel af. Appellanten stelden dat de heg het zicht op de Ten Darperweg belemmert en daardoor gevaar oplevert voor het wegverkeer.
De rechtbank oordeelde dat hoewel het voor appellanten lastig is om vanaf hun oprit goed zicht te krijgen, de heg het vrije uitzicht voor het wegverkeer niet belemmert en geen gevaar of hinder veroorzaakt. Dit oordeel was mede gebaseerd op politiegegevens waaruit bleek dat er geen aanrijdingen plaatsvonden ter plaatse.
Appellanten voerden in hoger beroep aan dat de rechtbank ten onrechte geen rekening hield met de maximumsnelheid en de hoogte van de heg, en dat zij geen inzage kregen in de politiegegevens. De Raad van State verwierp deze bezwaren, bevestigde het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State concludeerde dat de heg geen verboden situatie oplevert volgens artikel 2.15 van de Algemene Plaatselijke Verordening van Westerveld en dat er geen aanleiding is tot handhaving. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het handhavingsverzoek tegen de heg wordt bevestigd.