ECLI:NL:RVS:2014:1916
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschot kinderopvangtoeslag 2009 naar nihil door Belastingdienst
Appellante maakte bezwaar tegen de herziening van het voorschot kinderopvangtoeslag 2009 door de Belastingdienst, waarbij het voorschot op nihil werd vastgesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellante voldoende had aangetoond dat zij daadwerkelijk kosten voor kinderopvang had betaald. Hoewel zij een jaaropgave overlegde waaruit kosten van €6.703,90 blijken, kon zij niet aantonen dat deze kosten daadwerkelijk waren voldaan, ook niet met de overgelegde bankafschriften.
Verder stelde appellante dat zij ten onrechte niet was gehoord in de bezwaarprocedure. De Raad van State oordeelde dat de Belastingdienst terecht van het horen kon afzien omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.