ECLI:NL:RVS:2014:1996
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning en inreisverbod wegens knowing participation in wapens-voor-diamanten-handel
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie heeft een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen en een inreisverbod opgelegd. De rechtbank heeft deze besluiten vernietigd wegens ondeugdelijke motivering omtrent de betrokkenheid van de vreemdeling bij misdrijven van het Revolutionary United Front (RUF) in Sierra Leone.
De staatssecretaris stelde dat de vreemdeling werkzaam was voor het regime van de voormalige president van Liberia, Charles Taylor, en betrokken was bij de wapens-voor-diamanten-handel tussen Taylor en het RUF. Hierdoor zou de vreemdeling knowing participation hebben gehad in de misdrijven van het RUF. De rechtbank vond dat deze motivering onvoldoende was, mede omdat de vreemdeling niet direct voor het RUF werkte.
De Raad van State oordeelt echter dat de staatssecretaris terecht heeft gesteld dat de vreemdeling op de hoogte was van en persoonlijk deelnam aan de handel die de misdrijven van het RUF mogelijk maakte. De motivering over knowing participation is voldoende. Wel blijft de rechtbankuitspraak staan dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd dat de vreemdeling bij terugkeer een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro.
De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en beveelt dat de staatssecretaris een nieuw besluit neemt met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en de staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen met vergoeding van proceskosten.