ECLI:NL:RVS:2014:2518
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- W. Sorgdrager
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing dwangsom wegens niet tijdig beslissen handhavingsverzoek gevelwijzigingen
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Groningen om handhavend op te treden tegen onrechtmatig aangebrachte wijzigingen aan de gevels van panden. Het college verleende echter een omgevingsvergunning voor reclame en verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond. Appellant stelde dat het college te laat besliste op zijn handhavingsverzoek en eiste vaststelling van een dwangsom.
De rechtbank stelde vast dat het college een dwangsom had verbeurd wegens het niet tijdig beslissen op het bezwaar tegen de omgevingsvergunning, maar niet wegens het niet tijdig beslissen op het handhavingsverzoek. Appellant ging tegen dit oordeel in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellant geen geldige ingebrekestelling had gestuurd zoals vereist volgens artikel 4:17, derde lid, Awb, en dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat het college geen dwangsom verschuldigd was.
De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 9 juli 2014.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het college is geen dwangsom verschuldigd wegens het niet tijdig beslissen op het handhavingsverzoek.