ECLI:NL:RVS:2014:2573
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht van kwetsbare vreemdelingen aan Italië
De zaak betreft verzoeken van vreemdelingen, waaronder gezinnen met jonge kinderen, die bezwaar maken tegen hun overdracht aan Italië tijdens de behandeling van hun hoger beroep tegen afwijzing van asielaanvragen. De voorzieningenrechter had hun beroepen ongegrond verklaard, waarna zij hoger beroep instelden en tevens een voorlopige voorziening vroegen.
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de staatssecretaris zich nog beraden had over de gevolgen van overdrachten aan Italië, mede in afwachting van een arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over de situatie van kwetsbare gezinnen. Omdat de noodzakelijke informatie voor beoordeling ontbrak en de vreemdelingen dreigden te worden overgedragen, werd besloten een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter bepaalde dat de vreemdelingen niet worden overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €974,00 aan de vreemdelingen voor rechtsbijstand. De beslissing werd op 2 juli 2014 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak treft een voorlopige voorziening waardoor de vreemdelingen niet worden overgedragen aan Italië totdat op het hoger beroep is beslist.