ECLI:NL:RVS:2014:2913
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling in bewaring gesteld zonder ondertekende maatregel, beroep gegrond verklaard
Bij besluit van 24 april 2014 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze bewaring ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om schadevergoeding.
De Raad van State oordeelde dat de maatregel van bewaring en de categoriewijziging niet waren ondertekend, terwijl ondertekening volgens het Vreemdelingenbesluit 2000 een waarborg is dat de maatregel door een bevoegd persoon is opgelegd. De staatssecretaris gaf geen verklaring voor het ontbreken van de ondertekening, waardoor onvoldoende zekerheid bestond over de rechtmatigheid van de maatregel.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het bewaringbesluit alsnog gegrond. Omdat de vrijheidsontnemende maatregel inmiddels was opgeheven, werd geen bevel tot opheffing gegeven. De vreemdeling kreeg een schadevergoeding toegekend over de periode van bewaring en de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de bewaring is onrechtmatig en een schadevergoeding wordt toegekend.