ECLI:NL:RVS:2014:3214
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ontheffing ligplaats motorkruiser Apeldoornsch Kanaal
De minister weigerde ontheffing te verlenen aan appellant voor het nemen van een ligplaats met een motorkruiser in het Apeldoornsch Kanaal, ter hoogte van de Hoenwaardse brug in Hattem. Appellant voerde aan dat de weigering onredelijk was en dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom geen ontheffing werd verleend, terwijl herstelwerkzaamheden aan de motorkruiser moesten plaatsvinden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling oordeelde dat het Ligplaatsenbeleidsplan een redelijk kader biedt om ligplaatsen te reguleren en dat er voldoende ligplaatsen beschikbaar zijn in jachthavens buiten de hoofdvaarwegen. Het betoog van appellant dat er weinig scheepvaartverkeer plaatsvindt op de betreffende locatie en dat de motorkruiser niet in de jachthaven mag afmeren, bood geen grond voor afwijking van het beleid.
Ook de hoogte van de opgelegde dwangsom van € 10.000,- werd door de Afdeling als proportioneel beoordeeld, gelet op de ernst van de overtreding en het belang van het scheepvaartverkeer. De minister heeft de belangen zorgvuldig afgewogen en de weigering ontheffing te verlenen voldoende gemotiveerd. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de minister om ontheffing te verlenen voor het nemen van een ligplaats met een motorkruiser in het Apeldoornsch Kanaal.