ECLI:NL:RVS:2014:3371
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.W.M. Bijloos
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning ondanks beroep op familie- en gezinsleven
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 5 augustus 2013 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af. Na een bezwaarprocedure en een uitspraak van de rechtbank die het besluit vernietigde en terug verwees, stelde de staatssecretaris het bezwaar opnieuw ongegrond. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de aangevoerde gronden in hoger beroep, waaronder het betoog dat het economisch welzijn van Nederland ten onrechte werd betrokken bij de belangenafweging, niet tot vernietiging konden leiden. Tevens werd geoordeeld dat de aanwezigheid van de echtgenote en zoon met verblijfsvergunningen in Nederland geen objectieve belemmering vormt voor het uitoefenen van het familie- en gezinsleven buiten Nederland.
De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris terecht een 'fair balance' heeft gevonden tussen het belang van de vreemdeling en het algemeen belang, en dat de weigering van de verblijfsvergunning niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro. Het beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.