ECLI:NL:RVS:2014:3410
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel na bomaanslag en ontvoering
De vreemdeling verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, nadat zij slachtoffer was geworden van een bomaanslag en haar vader was ontvoerd in Nigeria. De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel wees de aanvraag af, waarna de rechtbank de afwijzing vernietigde en de zaak terugzond voor herbeoordeling.
De staatssecretaris weigerde vervolgens opnieuw de vergunning, waarbij het asielrelaas op hoofdlijnen werd beoordeeld. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de bomaanslag en de ontvoering aannemelijk waren, maar dat het vervolgverhaal over betrokkenheid van de groepering IBB en andere gebeurtenissen ongeloofwaardig was. Ook werd geoordeeld dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij persoonlijk doelwit was.
Daarnaast werd het beroep op medische gronden en het EVRM afgewezen, omdat geen sprake was van een vergevorderde, direct levensbedreigende ziekte. Ook het beroep op humanitaire redenen op grond van het traumatabeleid werd verworpen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigde de eerdere uitspraken, waarmee de aanvraag definitief werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is kennelijk ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel bevestigd.