ECLI:NL:RVS:2014:3430
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- B.P. Vermeulen
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanwijzing Mariakerk als gemeentelijk monument ondanks bezwaren parochie
Het college van burgemeester en wethouders van Breda heeft op 10 juni 2011 de Mariakerk aan het Mariaplein 2 te Breda aangewezen als gemeentelijk monument. De parochie, eigenaar van het kerkgebouw, maakte bezwaar tegen deze aanwijzing, dat door het college op 21 december 2011 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de parochie beroep in bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, die op 21 november 2013 het beroep ongegrond verklaarde.
De parochie stelde hoger beroep in bij de Raad van State en voerde aan dat de aanwijzing ertoe leidt dat zij bij wijzigingen in de inrichting van het kerkgebouw voor de eredienst een monumentenvergunning moet aanvragen, wat volgens haar in strijd is met het recht op het vrij belijden van godsdienst zoals neergelegd in artikel 6 van Pro de Grondwet. Tijdens de zitting verklaarde het college dat de inrichting van de kerk niet in de monumentomschrijving is opgenomen en dus niet onder de aanwijzing valt.
De Raad van State oordeelde dat het betoog van de parochie feitelijke grondslag mist, omdat de inrichting vrij gewijzigd kan worden zonder vergunning. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de parochie wordt ongegrond verklaard en de aanwijzing van de Mariakerk als gemeentelijk monument wordt bevestigd.