ECLI:NL:RVS:2014:3456
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitspraak rechtbank inzake handhaving houtwal
Het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk had een verzoek om handhavend op te treden tegen het aanleggen van een houtwal op een perceel afgewezen. Na bezwaar werd het besluit gedeeltelijk herroepen en werd de aanleg van de houtwal gelast met een dwangsom. De rechtbank Gelderland vernietigde dit besluit en bepaalde dat het college binnen zes weken een nieuwe beslissing moest nemen.
Het college stelde hoger beroep in en verzocht de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening om uitvoering aan de uitspraak van de rechtbank op te schorten. Tijdens de zitting op 4 september 2014 werden de partijen gehoord.
De voorzitter oordeelde dat de beoordeling van de motivering van de rechtbank over de vraag of de wederpartijen als overtreders kunnen worden aangemerkt, niet geschikt is voor de voorlopige voorzieningsprocedure en nader onderzoek in de bodemprocedure vereist is. Gezien het ontbreken van bijzondere belangen die spoedige uitvoering rechtvaardigen, werd de voorlopige voorziening toegewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het college hoeft geen uitvoering te geven aan de uitspraak van de rechtbank totdat het hoger beroep is beslist.