ECLI:NL:RVS:2014:3523
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor woningbouw ondanks uitzicht- en lichtbezwaren
Het college verleende een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning met een nokhoogte van circa 10,5 meter, wat in strijd is met het bestemmingsplan. Appellant betoogde dat dit bouwplan zijn uitzicht, lichtinval en geluidssituatie onevenredig aantast en dat de bodem vervuild zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat appellant geen recht op vrij uitzicht heeft, het uitzichtverlies beperkt is en de geluidbelasting niet significant toeneemt. Ook werd de bodemvervuiling niet aannemelijk geacht. Daarnaast is waardevermindering onvoldoende onderbouwd om de vergunning te weigeren.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak en wijst het hoger beroep af. De Raad benadrukt dat het college bevoegd is om af te wijken van het bestemmingsplan zonder dat een maatschappelijk belang vereist is. Een nieuw betoog over de plafondhoogte wordt buiten beschouwing gelaten wegens te late indiening.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.