ECLI:NL:RVS:2014:3563
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- G.M.H. Hoogvliet
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens onjuiste huurprijsberekening bij huisvestingsvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam legde aan [appellante] een boete van €16.000 op wegens het in gebruik geven van een woning aan een huishouden zonder huisvestingsvergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van [appellante] ongegrond. In hoger beroep betoogde [appellante] dat de door het college gehanteerde huurprijsberekening onjuist was, waardoor ten onrechte werd aangenomen dat een huisvestingsvergunning vereist was.
De Raad van State oordeelde dat het college zich niet kon beroepen op de goede procesorde om het betoog van [appellante] buiten beschouwing te laten, mede vanwege het punitieve karakter van het geschil. Het college erkende bovendien dat de puntentelling door het huurteam onjuist was en dat de boete ten onrechte was opgelegd.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het bestreden besluit, en herroept het boetebesluit. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan [appellante].
Uitkomst: Het boetebesluit van het college Rotterdam wordt vernietigd wegens een onjuiste huurprijsberekening.