ECLI:NL:RVS:2014:3802
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen weigering elektronische Wob-aanvraag
Op 1 maart 2013 diende appellant een verzoek om informatie in bij het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Dit verzoek werd per e-mail ingediend. Het college reageerde op 12 maart 2013 met een e-mail waarin werd gesteld dat de elektronische weg voor het indienen van Wob-verzoeken niet expliciet was opengesteld en dat niet-ondertekende e-mails niet als aanvraag werden behandeld.
Het college verklaarde het bezwaar van appellant tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk. De rechtbank Noord-Nederland verklaarde vervolgens het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat het e-mailbericht van 12 maart 2013 geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro vormt dat inhoudelijk op het verzoek beslist, maar een mededeling van informatieve aard is. Omdat het college de elektronische indiening niet had opengesteld, was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Ook mocht van het horen worden afgezien omdat het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.