ECLI:NL:RVS:2014:4016
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake vreemdelingenbewaring en terugkeerbesluit
Bij besluit van 17 september 2014 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en oordeelde dat de bewaring vanaf 29 september 2014 onrechtmatig was omdat de staatssecretaris niet tijdig een terugkeerbesluit had genomen na ontvangst van de intrekkingsverklaring van de vreemdeling.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en voerde aan dat de verklaring pas om 16.14 uur op 29 september 2014 werd ontvangen, waardoor het niet mogelijk was om diezelfde dag nog een gehoor te houden en een terugkeerbesluit te nemen. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte voorbij was gegaan aan deze toelichting en vernietigde het vonnis.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het bewaringbesluit ongegrond. Tevens wees de Raad het verzoek om schadevergoeding af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.