Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RVS:2014:4160

Raad van State

Datum uitspraak
19 november 2014
Publicatiedatum
19 november 2014
Zaaknummer
201401815/1/A1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • J.H. van Kreveld
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2.12 WaboArt. 13.2.2 planregels bestemmingsplan
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen omgevingsvergunning voor lichtmastenverhoging

Het college van burgemeester en wethouders van Dongen verleende op 9 februari 2012 een omgevingsvergunning aan voetbalvereniging ONI voor het verhogen van vier lichtmasten op het perceel Wielstraat 29A te 's Gravenmoer. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond.

Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tijdens de procedure werd vastgesteld dat het bestemmingsplan 's Gravenmoer dorp, vastgesteld op 21 februari 2013 en onherroepelijk sinds 18 mei 2013, een bouwhoogte van maximaal 20 meter toestaat voor lichtmasten. De vergunning voor de verhoging van de lichtmasten tot tussen 16,62 en 17,74 meter valt binnen deze grens.

De Afdeling oordeelde dat hierdoor geen omgevingsvergunning meer vereist is voor de verhoging en appellant geen belang meer heeft bij een beoordeling van de rechtmatigheid van het eerdere besluit. Ook heeft appellant geen aannemelijk gemaakt dat hij schade heeft geleden. Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.

Uitspraak

201401815/1/A1.
Datum uitspraak: 19 november 2014
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellant], wonend te Dongen,
tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 14 januari 2014 in zaak nr. 13/2488 in het geding tussen:
[appellant]
en
het college van burgemeester en wethouders van Dongen.
Procesverloop
Bij besluit van 9 februari 2012 heeft het college aan voetbalvereniging ONI omgevingsvergunning verleend voor het wijzigen van de bestaande vergunning voor het plaatsen van vier lichtmasten op het perceel Wielstraat 29A te 's Gravenmoer (hierna: het perceel).
Bij besluit van 26 februari 2013 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 14 januari 2014 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
[appellant] heeft nadere stukken ingediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 20 oktober 2014, waar [appellant], en het college, vertegenwoordigd door G.M. van Dijck en P. Verschoor, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is daar voetbalvereniging ONI, vertegenwoordigd door J.H. Mouthaan en H.A. Quirijns, gehoord.
Overwegingen
1. Bij onherroepelijke besluiten van 9 september 2008 en 23 september 2008 heeft het college vrijstelling en bouwvergunning verleend voor het plaatsen van vier lichtmasten op het perceel met een hoogte van 16 m. Het college heeft bij besluit van 9 februari 2012 met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, 1˚, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) omgevingsvergunning verleend voor het verhogen van die lichtmasten tot een hoogte variërend tussen 16,62 m en 17,74 m.
2. De Afdeling overweegt ambtshalve als volgt. Bij besluit van 21 februari 2013 heeft de raad van de gemeente Dongen het bestemmingsplan "'s Gravenmoer dorp" vastgesteld. Tegen dit bestemmingsplan is geen beroep ingesteld, waardoor het bestemmingsplan op 18 mei 2013 in werking is getreden en onherroepelijk is geworden. Ingevolge artikel 13.2.2, onder b, van de planregels van dat bestemmingsplan bedraagt de bouwhoogte van lichtmasten, vlaggenmasten en antennes ten hoogste 20 m. Nu in dit bestemmingsplan lichtmasten met een hoogte variërend tussen 16,62 m en 17,74 m zijn toegestaan, is thans voor de verhoging van de lichtmasten geen omgevingsvergunning met toepassing van artikel 2.12 van de Wabo meer vereist. Dit brengt met zich dat [appellant] geen belang meer heeft bij een beoordeling van de rechtmatigheid van het besluit van 26 februari 2013, waarbij de op 9 februari 2012 verleende omgevingsvergunning is gehandhaafd. [appellant] heeft ook geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van zijn hogerberoepsgronden, waaronder het betoog dat in het verleden afspraken zijn gemaakt tussen hem en het college over de maximale bouwhoogte van lichtmasten op het perceel, nu hij ook niet op zekere hoogte aannemelijk heeft gemaakt dat hij schade heeft geleden.
3. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Aldus vastgesteld door mr. J.H. van Kreveld, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. D.A.B. Montagne, griffier.
w.g. Van Kreveld w.g. Montagne
lid van de enkelvoudige kamer griffier
Uitgesproken in het openbaar op 19 november 2014
374-789.