ECLI:NL:RVS:2014:4247
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- W. Sorgdrager
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake watervergunning en voorschriften ter voorkoming wateroverlast
Het dagelijks bestuur van het Waterschap Noorderzijlvest verleende op 15 mei 2012 een watervergunning aan appellant sub 2 voor het verhogen van het waterpeil nabij zijn perceel. Deze vergunning bevatte voorschriften (A.1 en A.2) die het aanbrengen van drainage als compenserende maatregel vereisten om wateroverlast op het lagergelegen perceel van een derde te voorkomen.
Appellant sub 2 maakte bezwaar tegen deze voorschriften, dat door het dagelijks bestuur ongegrond werd verklaard. De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, met het oordeel dat de voorschriften niet in redelijkheid aan de vergunning konden worden verbonden.
Het dagelijks bestuur en appellant stelden hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het dagelijks bestuur zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de voorschriften noodzakelijk waren ter bescherming van belangen van derden en ter voorkoming van wateroverlast, conform de doelstellingen van de Waterwet.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep van appellant ongegrond en vernietigde het besluit van 31 maart 2014 dat het bezwaar opnieuw ongegrond verklaarde, omdat de grondslag daarvan was komen te vervallen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de voorschriften bij de watervergunning blijven in stand.