ECLI:NL:RVS:2014:4354
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.W. van de Gronden
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking documenten grondtransactie gemeente Broek
Het college van burgemeester en wethouders van De Friese Meren weigerde op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) gedeeltelijk openbaarmaking van documenten met betrekking tot de koopovereenkomst van percelen nabij Broek. Deze documenten bevatten correspondentie, besprekingsverslagen en andere stukken die inzicht geven in de onderhandelingsstrategie van de gemeente.
Appellanten stelden dat de rechtbank ten onrechte de weigering had gegrond op artikel 10, tweede lid, aanhef en onder b en g van de Wob, omdat de motivering onvoldoende concreet was en het algemeen belang van openbaarheid niet hoefde te worden gemotiveerd. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht had vastgesteld dat openbaarmaking de onderhandelingspositie van de gemeente zou schaden, ook voor toekomstige transacties, en dat het college dit voldoende had gemotiveerd.
De Afdeling verwierp het beroep van appellanten en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het college de documenten in redelijkheid mocht weigeren. Er was geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding. De uitspraak werd op 3 december 2014 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de weigering tot openbaarmaking van de gevraagde documenten.