ECLI:NL:RVS:2014:4381
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering kinderopvangtoeslag wegens ontbreken geldige overeenkomst
De Belastingdienst/Toeslagen stelde bij besluit van 2 juli 2013 de kinderopvangtoeslag over 2008 voor appellant vast op nihil en vorderde terugbetaling van het uitbetaalde voorschot. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, maar zowel de rechtbank als de Raad van State verklaarden deze ongegrond.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellant kon aantonen dat de kinderopvang plaatsvond op basis van een schriftelijke overeenkomst zoals vereist in artikel 52 van Pro de Wet kinderopvang, gelezen in samenhang met artikel 11, derde lid, van de Regeling Wet kinderopvang. De door appellant overgelegde overeenkomst ontbrak essentiële gegevens zoals de prijs per uur en het aantal uren opvang, waardoor deze niet voldeed aan de wettelijke eisen.
De Raad van State bevestigde dat zonder een overeenkomst die aan deze eisen voldoet geen aanspraak op kinderopvangtoeslag bestaat. Het betoog van appellant dat andere stukken de ontbrekende gegevens konden vervangen, werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de kinderopvangtoeslag bevestigd.