ECLI:NL:RVS:2014:4505
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielprocedure wegens twijfel aan seksuele gerichtheid
Bij besluit van 25 september 2014 wees de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 17 november 2014 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Raad van State overwoog dat het verzoek tot voorlopige voorziening was gericht op het voorkomen van uitzetting gedurende de behandeling van het hoger beroep. De grieven in hoger beroep betroffen onder meer het oordeel van de rechtbank dat de seksuele gerichtheid van de vreemdeling niet geloofwaardig was, hetgeen nader onderzoek vereist dat niet in deze voorlopige procedure kan plaatsvinden.
Gezien het spoedeisend belang en de betrokken belangen besloot de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening toe te kennen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, ter hoogte van € 487,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.