ECLI:NL:RVS:2014:4535
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderzoek verblijf in derde land
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 16 april 2013 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat de staatssecretaris zich ten onrechte heeft gebaseerd op een instemmingsverklaring van Malta uit mei 2012 zonder nader onderzoek te doen naar de actuele verblijfsrechtelijke situatie van de vreemdeling. Gezien het tijdsverloop en het ontbreken van nadere informatie over de geldigheid van de verblijfsvergunning, was het niet zorgvuldig en niet deugdelijk gemotiveerd om ervan uit te gaan dat de vreemdeling bij terugkeer nog steeds over een verblijfsrecht beschikt.
Daarom wordt het besluit van 16 april 2013 vernietigd en wordt het beroep alsnog gegrond verklaard. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De Afdeling wijst erop dat bij een nieuw besluit rekening moet worden gehouden met de actuele wettelijke bepalingen, waaronder artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar de geldigheid van de verblijfsvergunning in Malta.