ECLI:NL:RVS:2014:4702
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen omgevingsvergunning voor aanbouw met fundering en kelderbak
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Centrum heeft op 4 april 2012 een omgevingsvergunning verleend aan de vergunninghouder voor het aanbrengen van een nieuwe fundering en kelderbak, het intern veranderen en het slopen en opnieuw opbouwen van een bestaande aanbouw met behoud van de bestemming wonen op een perceel te Amsterdam.
Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, maar dienden hun bezwaarschrift pas op 3 juli 2013 in, buiten de wettelijke termijn van zes weken. Het dagelijks bestuur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en de rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond.
Appellanten voerden aan dat de kennisgeving onvoldoende duidelijk was over de realisatie van een dakterras en dat daardoor het vertrouwensbeginsel was geschonden, waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar zou zijn. De Raad van State oordeelde dat de kennisgeving adequaat was en dat appellanten zelf nadere informatie hadden kunnen inwinnen. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar bevestigd.