ECLI:NL:RVS:2014:4782
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens onvoldoende bewijs van identiteit en bewijsnood
De zaak betreft het hoger beroep van een vrouw die het Nederlanderschap wilde verkrijgen, maar wier verzoek door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werd afgewezen wegens het ontbreken van voldoende bewijs van haar identiteit en Rwandese nationaliteit.
De verzoekster had een kopie van een paspoort van de Democratische Republiek Congo en een verlopen Rwandees paspoort overgelegd, maar geen gelegaliseerde geboorteakte. Zij stelde dat zij in bewijsnood verkeerde omdat zij door een gevaarlijk grensgebied niet in staat was om persoonlijk documenten in Rwanda te verkrijgen.
De rechtbank oordeelde dat zij onvoldoende had aangetoond dat zij in bewijsnood verkeerde, mede omdat zij geen verklaring van de Rwandese autoriteiten had overgelegd en geen professionele derde had ingeschakeld om de documenten te verkrijgen. De Raad van State bevestigde deze uitspraak en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak benadrukt het belang van het leveren van voldoende bewijs en het aantonen van bewijsnood bij naturalisatieverzoeken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.