ECLI:NL:RVS:2014:650
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatwerkvoorschriften geluid bij inrichting te De Lier
Het college van burgemeester en wethouders van Westland stelde op 8 oktober 2012 maatwerkvoorschriften vast voor een inrichting te De Lier op grond van artikel 2.20, vijfde lid, van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat het akoestisch rapport niet representatief was, dat een maatwerkvoorschrift onvoldoende duidelijk was en dat het college niet handhavend optrad tegen geluidhinder.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de bezwaren tegen het akoestisch rapport niet tijdig en adequaat waren aangevoerd en daarom buiten beschouwing moesten blijven. Het college had beleidsvrijheid bij het stellen van maatwerkvoorschriften en het maatwerkvoorschrift betreffende het parkeren van gekoelde vrachtwagens was voldoende duidelijk, mede doordat ter zitting een situatietekening werd getoond.
Het betoog over het niet reageren op een handhavingsverzoek was niet gericht tegen de aangevallen uitspraak en faalde. Het college had bovendien aangegeven het verzoek in behandeling te hebben genomen. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 17 april 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.