ECLI:NL:RVS:2014:853
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A. Hammerstein
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nadeelcompensatie wegens subsidiebesluiten en omzetderving door concurrentie
Appellanten, kwekers van Afrikaanse meerval, verzochten het college om nadeelcompensatie wegens omzetderving veroorzaakt door subsidiebesluiten ten gunste van Stichting Aquacultuur Zuid-Oost Nederland. Deze stichting schakelde na afloop van de subsidieperiode over van tilapia naar claresse, een concurrerende meervalsoort, en gebruikte daarvoor infrastructuur verworven met subsidiegelden.
Het college wees de verzoeken af omdat het causaal verband tussen de subsidiebesluiten en de omzetderving niet aannemelijk was. De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde de beroepen ongegrond. Appellanten stelden dat de omzetderving uitsluitend door de claresseproductie kon worden veroorzaakt en dat zonder subsidie de stichting niet had kunnen omschakelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het verband tussen de omzetderving en de subsidiebesluiten te ver verwijderd is. De subsidiebesluiten betroffen de kweek van tilapia, terwijl de stichting zelf koos voor omschakeling naar claresse. Deze keuze valt buiten de invloedssfeer van het college. Het omzetverlies kan niet rechtstreeks aan het college worden toegerekend, zodat het beroep faalt.
De overige gronden behoeven geen bespreking. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verzoeken om nadeelcompensatie bevestigd.