ECLI:NL:RVS:2014:976
Raad van State
- Hoger beroep
- N.S.J. Koeman
- M.M. van Driel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek gebruik perceel in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Drimmelen wees het verzoek tot handhaving tegen het gebruik van een perceel in strijd met het bestemmingsplan af. Na bezwaar werd het besluit ingetrokken en werd appellant gelast het gebruik voor loonwerkactiviteiten te beëindigen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad overwoog dat het perceel de bestemming 'Woondoeleinden' heeft en dat het gebruik voor loonwerkactiviteiten daarmee in strijd is. Appellant kon niet aannemelijk maken dat dit gebruik op de peildatum onder het overgangsrecht viel, aangezien slechts een deel van het terrein als moestuin werd gebruikt en er geen bewijs was voor stalling van landbouwvoertuigen op het overige terrein. Ook het beroep op een Hinderwetvergunning uit 1982 was onvoldoende om het gebruik te legitimeren.
Verder oordeelde de Raad dat het college niet hoefde af te zien van handhaving ondanks een inspraakreactie van appellant op een voorontwerpbestemmingsplan, omdat concreet zicht op legalisering ontbrak. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde eveneens, omdat geen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan door het college.
De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.