ECLI:NL:RVS:2015:1022
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen herziening bestemmingsplan Buitengebied Bergeijk 2014
De raad van de gemeente Bergeijk stelde op 1 juli 2014 het bestemmingsplan 'Herziening Buitengebied Bergeijk 2014' vast. Appellant, eigenaar en bewoner van percelen binnen het plangebied, stelde beroep in tegen dit besluit omdat het plan geen mogelijkheid bood tot herbouw van een voormalige watermolen op zijn percelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State toetst het besluit terughoudend en beoordeelt of de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het plan strekte tot een goede ruimtelijke ordening. De raad betwistte de ontvankelijkheid van het beroep, maar de Afdeling oordeelde dat appellant als belanghebbende kan worden aangemerkt.
Appellant stelde dat het plan ook de herbouw van de watermolen had moeten mogelijk maken, verwijzend naar een eerdere uitspraak waarin een recreatieve functie niet in strijd was met een goede ruimtelijke ordening. De raad stelde dat het plan was aangepast aan provinciale aanwijzingen en dat appellant geen concreet plan had overlegd met voldoende inzicht in omvang en ruimtelijke effecten.
De Afdeling concludeerde dat de raad niet hoefde rekening te houden met een niet concreet plan en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan is ongegrond verklaard omdat appellant geen concreet plan voor herbouw van de watermolen had overgelegd.