ECLI:NL:RVS:2015:1136
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over terugkeerbesluit en bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde een vreemdeling bij besluit van 22 januari 2015 onmiddellijk de Europese Unie te verlaten en legde hem een maatregel van vreemdelingenbewaring op. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze besluiten gegrond en vernietigde beide besluiten, waarbij tevens schadevergoeding werd toegekend.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat voor het onthouden van een termijn voor vrijwillig vertrek ten minste één zware en één lichte grond uit het Vreemdelingenbesluit 2000 vereist is. De Raad stelde vast dat ook uitsluitend lichte gronden voldoende kunnen zijn.
Verder oordeelde de Raad dat het terugkeerbesluit rechtmatig was en dat de maatregel van bewaring daarmee eveneens rechtmatig was. De beroepen van de vreemdeling werden ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de beroepen van de vreemdeling worden ongegrond verklaard.