ECLI:NL:RVS:2015:116
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschot kinderopvangtoeslag wegens ontbreken bewijs kosten
De Belastingdienst/Toeslagen heeft het voorschot kinderopvangtoeslag voor de jaren 2010 en 2011 aan appellant herzien en op nihil gesteld omdat appellant geen schriftelijke overeenkomst met het gastouderbureau heeft overgelegd en niet heeft aangetoond dat er daadwerkelijk kosten voor kinderopvang zijn gemaakt.
Appellant voerde aan dat hij te goeder trouw was en was opgelicht door het gastouderbureau, waardoor het ontbreken van bewijsstukken niet aan hem toegerekend mocht worden. De rechtbank oordeelde dat het risico van het ontbreken van bewijsstukken voor rekening van appellant komt, ook indien sprake is van oplichting door het gastouderbureau.
De Raad van State bevestigt dit oordeel en overweegt dat appellant als aanvrager en ontvanger van de toeslag verantwoordelijk is voor de aanvraag en het kunnen aantonen van de kosten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.