ECLI:NL:RVS:2015:1172
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit herziening voorschotten kinderopvangtoeslag 2008-2011
De Belastingdienst/Toeslagen had de voorschotten kinderopvangtoeslag voor de jaren 2008 tot en met 2011 herzien en op nihil gesteld omdat niet was aangetoond dat er sprake was van opvang op basis van een overeenkomst en dat kosten waren gemaakt.
De rechtbank had het bezwaar tegen het besluit van 21 april 2011 over 2011 niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening, maar het bezwaar over de jaren 2008-2010 gegrond verklaard en het bezwaarbesluit vernietigd. De rechtbank handhaafde echter de rechtsgevolgen van de herziening over 2008-2010 omdat de voorschotten hoger waren dan de daadwerkelijk gemaakte kosten.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij wel tijdig bezwaar had gemaakt en dat de kosten over de jaren 2008-2011 cumulatief moesten worden beoordeeld. De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp deze stellingen, bevestigde de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar over 2011 en oordeelde dat de herzieningen over 2008-2010 terecht op nihil waren gesteld, mede gelet op verklaringen van de curator en strafrechtelijke veroordeling van de ex-echtgenote die aangaven dat geen gastouderopvang had plaatsgevonden.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee de herziening van de voorschotten kinderopvangtoeslag stand houdt.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.