ECLI:NL:RVS:2015:1178
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en bevestiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde [wederpartij] een boete van €9.500 op wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning en het niet tijdig verstrekken van een afschrift van het identiteitsdocument aan de opdrachtgever.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van [wederpartij] gegrond en stelde de boete op nihil. De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de minister voldoende bewijs had geleverd dat de vreemdeling arbeid had verricht zonder vergunning en dat [wederpartij] niet voldeed aan de verplichting om een geldig identiteitsdocument te verstrekken. Ook werd geoordeeld dat de ondernemingen als afzonderlijke entiteiten moesten worden beschouwd.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van [wederpartij] ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van [wederpartij] wordt ongegrond verklaard en de boete van €9.500 wordt gehandhaafd.