ECLI:NL:RVS:2015:1194
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak over onrechtmatige vreemdelingenbewaring van gezin
Bij besluiten van 13 november 2014 zijn een gezin en hun minderjarige kinderen in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen ongegrond en wees schadevergoedingen af. De vreemdelingen gingen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat de staatssecretaris niet concreet heeft gemotiveerd waarom het gehele gezin in bewaring is gesteld, terwijl volgens de Vreemdelingencirculaire 2000 bij gezinnen met twee ouders volstaan moet worden met bewaring van één ouder en een vrijheidsbeperkende maatregel voor de overige gezinsleden, tenzij de toegang tot Nederland is geweigerd. Dit was niet het geval, waardoor de bewaring onrechtmatig was.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdelingen gegrond. Omdat de bewaring inmiddels is opgeheven, blijft een bevel achterwege. De vreemdelingen krijgen een schadevergoeding van €2200 toegekend over de periode van 13 tot 24 november 2014. Daarnaast wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €1470 voor rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de bewaring van het gehele gezin onrechtmatig bevonden met toekenning van schadevergoeding en proceskosten.